Vion Food Group heeft vandaag de financiële resultaten over 2025 gepubliceerd. Ten opzichte van 2024 steeg de genormaliseerde EBITDA met 12% en was de genormaliseerde EBIT weer positief. Het desinvesteringsproces van de Duitse activiteiten is bijna afgerond. Hiermee wordt Vion een compacter bedrijf en heeft het zich verzekerd van een nieuwe financieringsovereenkomst met een looptijd van drie jaar. De onderliggende vooruitgang is nog niet volledig zichtbaar in het resultaat, als gevolg van eenmalige effecten rond onder meer herstructureringen en het niet langer opnemen van een groot deel van de actieve belastinglatentie. Voor het tweede jaar op rij publiceert Vion bovendien op eigen initiatief een Sustainability Statement als onderdeel van het jaarverslag.
2025 was een belangrijk jaar in de transformatie van Vion. De operationele verbeteringen van het transformatieprogramma werden op de locaties steeds duidelijker zichtbaar, terwijl de desinvestering van de Duitse activiteiten de afrondende fase naderde. In 2026 heeft Vion zich verzekerd van een nieuwe financieringsovereenkomst met een looptijd van drie jaar. Deze nieuwe financiering biedt de financiële stabiliteit die nodig is om de transitie af te ronden en te investeren in onderscheidende ketenconcepten.
Tjarda Klimp, CEO Vion Food Group:
“De resultaten weerspiegelen de situatie dat Vion in 2025 was. In 2026 is de desinvestering van onze Duitse activiteiten de laatste fase ingegaan en hebben we een eenvoudigere financieringsstructuur voor drie jaar gerealiseerd. De veranderingen die we de afgelopen drie jaar hebben doorgevoerd, hebben een structureel positief effect dat de tegenwind in de tweede helft van 2025 grotendeels compenseert. Op het moment dat deze resultaten worden gepubliceerd, is Vion al verder dan de cijfers laten zien.”
De omzet in 2025 steeg met 1,3% naar € 4,17 miljard, ten opzichte van € 4,12 miljard in 2024, voornamelijk als gevolg van prijsontwikkelingen. De genormaliseerde EBITDA nam met 12% toe tot € 58,1 miljoen, tegenover € 51,9 miljoen een jaar eerder. De genormaliseerde EBIT kwam uit op € 1,2 miljoen positief, vergeleken met een verlies van € 5,7 miljoen in 2024. Het nettoresultaat van de groep bedroeg € -61,2 miljoen, mede als gevolg van het eenmalige effect van € 33 miljoen door het niet langer opnemen van een groot deel van de actieve belastinglatentie.
Sterke start, uitdagendere tweede helft van 2025
De eerste zes maanden van het jaar 2025 lieten duidelijke vooruitgang zien. Een tijdelijk hogere Nederlandse exportvraag als gevolg van een uitbraak van mond-en-klauwzeer in Duitsland, gecombineerd met voortdurende efficiëntieverbeteringen, zorgde voor betere resultaten in de eerste helft van het jaar.
Vanaf de zomer van 2025 werden de marktomstandigheden uitdagender doordat de Europese varkensmarkt volatieler werd. Nadat China in september importtarieven op Europees varkensvlees aankondigde en deze in december bevestigde, ontstond een overaanbod op de Europese markt, waardoor verkoopprijzen onder druk kwamen te staan. Voor Vion werd een tarief van 19,8% vastgesteld, ongeveer twee keer zo hoog als dat van de belangrijkste Nederlandse concurrenten. In november werd Afrikaanse varkenspest vastgesteld in Spanje, het grootste varkensproducerende land van de EU. Dit leidde tot exportverboden en verschuivende handelsstromen, waardoor de varkensprijzen verder daalden. Deze effecten werken ook door in 2026. Binnen de rundvleesmarkt bleven de aanhoudend hoge rundveeprijzen druk zetten op de marges, terwijl consumenten steeds prijsbewuster werden.
Versterking van de Benelux-ketens
Ondanks deze uitdagingen bleef Vion investeren in activiteiten met groeipotentieel op de lange termijn. Daarbij lag de focus op het verder versterken van onderscheidende ketens en concepten die inspelen op duurzaamheid, dierenwelzijn en de behoeften van klanten. Op het gebied van ketenontwikkeling vierde Good Farming Star, het langstlopende ketenconcept van de groep, het tienjarig bestaan van de samenwerking met StarFarmers, waarbij marktaandeel en stabiele volumes werden behouden in een uitdagende markt. De Groene Weg, de biologische tak van het bedrijf, presteerde met haar slagerijen beter dan de bredere markt. De omzet van de webshop steeg met 40%. Daarnaast introduceerde De Groene Weg de Butcher’s Beef Chain om de aanvoer van biologisch rundvlees verder te versterken. Verschillende internationale hogere dierenwelzijnsstandaarden zijn samengebracht onder Good Farming Welfare, zodat de keten beter is toegerust om internationale markten te bedienen. Verder werd in 2026 samen met boeren een nieuw concept geïntroduceerd: Good Farming Dairy Beef. Deze ontwikkelingen onderstrepen Vion’s strategie om samen met boeren en klanten te bouwen aan onderscheidende ketens gericht op duurzaamheid en dierenwelzijn en laten de verantwoordelijkheid zien die Vion binnen de keten neemt.
Duitse desinvestering in laatste fase
De beslissing om de Duitse activiteiten af te stoten, die in 2023 werd genomen, kreeg medio 2025 een tegenslag toen het Duitse Bundeskartellamt de oorspronkelijk overeengekomen transactie blokkeerde. In februari 2026 startte Vion een nieuw proces waarbij de locaties afzonderlijk werden verkocht. Inmiddels zijn de transacties voor Buchloe (ABP Food Group) en de rund- en varkensactiviteiten in Crailsheim (Boeser Frischfleisch) afgerond. Ook zijn alle goedkeuringsprocedures doorlopen voor de verkoop van de Duitse Food Service-activiteiten (Group of Butchers), waarvan afronding in het vierde kwartaal van 2026 is voorzien. De verkoop van Waldkraiburg aan OSI Europe Foodworks wacht op goedkeuring van de mededingingsautoriteit. De locatie in Hilden is gesloten.
“Dit proces heeft langer geduurd dan we hadden verwacht toen we eraan begonnen, maar het team is zich onverminderd blijven inzetten voor boeren en klanten,” aldus Klimp. “Nu de desinvestering van de Duitse activiteiten afronding nadert, zal Vion opereren als een in Nederland gevestigd internationaal opererende onderneming, terwijl we blijven bouwen aan duurzame ketens en samenwerkingen in de Benelux. Daarmee bouwt Vion aan een wendbaardere organisatie en legt het een stevige basis voor structureel herstel van de winstgevendheid. De prioriteiten voor 2026 sluiten rechtstreeks aan op de voortgang die in 2025 is geboekt: de operationele verbeteringen verder omzetten in een sterker bedrijf en blijven bouwen aan onderscheidende ketens die waarde toevoegen.”